Sophie in gesprek met James Pikkaart

593

✍🏼 Sophie Asberg

“Ik heb gewoon altijd heel veel plezier in tennis” – James Pikkaart (16)

Tennistalent en talent om hard te werken, James Pikkaart uit Amstelveen heeft het allebei. En dat komt goed uit, want zijn grote droom is tennisprof worden en spelen in de grootste stadions van de wereld, op de Grand-Slams. Of deze droom uitkomt weten we natuurlijk niet want de weg ernaartoe is niet mals. Maar de kans dat hij het ver gaat schoppen is groot, want het belangrijkste ingrediënt voor succes heeft hij ook in huis: plezier

“Ja, plezier staat heel erg op één.” zegt hij door de telefoon op misschien wel de natste en donkerste dag van het jaar. “Ik heb gewoon altijd heel veel plezier in tennis. Dat is denk ik ook waarom sommige spelers heel goed worden en het verschil maken met andere spelers. Ze genieten er echt van. Dat is het jammere van de spelers die er géén plezier in hebben en door hun ouders worden geforceerd. Je wordt eigenlijk pas echt goed als je het zelf wil.”

Dat James het echt zelf wil werd al vroeg duidelijk. Op zijn tweede kreeg hij zijn eerste lesje. “Eén keer in de twee weken ging ik naar het Frans Otten stadion in Amsterdam en dat was geweldig. Toen ik ouder werd ging ik steeds meer spelen maar omdat ik ook nog op honkbal zat, deed ik tennis er altijd een beetje bij. Rond mijn achtste koos ik echt definitief voor tennis en liet ik honkbal vallen omdat ik dat niet meer leuk vond. Ik ging toen bij Amstelpark trainen en ik werd óók nog gescout door de bond. Dat was heel gaaf, ik wilde dat altijd heel graag. Spelen bij de bond was een heel groot ding.”

Maar zoals voor de meeste sporttalenten geldt, zit school James nog een beetje in de weg. Eigenlijk wil hij het liefst iedere dag full-time sporten, maar het behalen van een schooldiploma vindt hij óók belangrijk. Daarom moet James school en sport combineren. Maar dat lukt prima want hij zit op een LOOT-school (school voor topsporttalent), zodat hij én veel kan tennissen én tussen de bedrijven door zijn huiswerk kan maken. In deze ‘formule’ traint hij inmiddels vijfentwintig uur per week.

TENNISPLAYER

Gefocust, gevoelig, positief en een harde werker. Dat is typisch James. Maar wie staat er nu tegenover je als deze tennisplayer je tegenstander is? “Ik ben een speler die wat ritme nodig heeft om in de wedstrijd te komen, en ik sta vaak een stukje achter de baseline. Ik kan heel goed verdedigen en ik kan lange rally’s aan. Maar het gevaar is dat ik te lang op de baseline blijf hangen. Dus ik ben nu met mijn trainer bezig om het volledige plaatje van mijn spel te creëren, zodat ik ook meer zelf de punten ga maken, meer het initiatief neem. Het zit ‘m vooral in het vertrouwen, dat is er soms niet genoeg.”

SPORTERSLIFESTYLE

James is zich er goed van bewust dat als je je als speler wil ontwikkelen, je niet alleen veel uren moet maken op de baan en in de fitness maar dat een ‘sporterslifestyle’, zoals bijvoorbeeld de juiste voeding en voldoende rust,  minstens zo belangrijk is. “Zeker weten” zegt hij als we over dit onderwerp praten. “Als je een echte sportman bent dan moet je op heel veel dingen letten. Als je een jongere sporter bent dan ga je ineens heel erg groeien en dan ben je heel erg blessuregevoelig, want je lichaam is helemaal van slag. Dat heb ik ook net meegemaakt. Dan is het extra belangrijk dat je goed op je lichaam let en je jezelf niet overtraind. Dat heb ik trouwens echt wel moeten leren. De hoeveelheid uren die ik maakte waren niet altijd goed voor me, maar je moet er aan de andere kant ook wel wat voor doen om het meeste uit je zelf te halen.”

FOCUS OP HET PROCES

Het ‘procesdenken’ zit er bij de jonge Amstelvener ook al goed ingebakken. En dat is mooi, want alleen zo kun je als speler groeien. James: “Ik heb een jaar gehad waarin ik niet heel erg uitblonk en toen kwam er een moment, net na de lockdown in 2020, dat ik dacht: ‘Wat kan ik beter doen?’ En dan is het eigenlijk alleen nog maar een kwestie van heel hard werken, zoals de topspelers ook doen. Dat is het proces waar je doorheen gaat. En daarna kwam een heel succesvol jaar. Het was echt een ongelofelijk gevoel om beloond te worden voor het harde werken. Maar dat betekent natuurlijk niet dat je al bent. Elke speler gaat altijd weer door.”

NUMMER EEN

In 2021 eindigde James op de eerste plaats van de jeugdranglijst tot en met zestien jaar. Een geweldige prestatie, maar hij vindt het zelf niet zijn mooiste. “Nee, dat was mijn overwinning op een Franse Belg toen ik drie weken geleden meedeed aan een ITF in België.” zegt hij zonder aarzeling. Vanuit de kwalificatie had ik me helemaal opgewerkt tot en met de derde ronde waarin ik tegen de zesde geplaatste moest. De eerste set had ik al verloren en in de tweede set stond ik 6-5 en 40 – 0 achter maar ik won toch de game én de tiebreak. En uiteindelijk óók de derde set. Ik heb echt zo lopen knokken! Ik ben sowieso geen jongen die snel opgeeft, ik probeer er altijd alles uit te halen maar dit keer lukte het gewoon heel goed. Dat geeft je dan zo’n boost om verder te gaan! Ik haalde ook mijn eerste punten voor de internationale jeugdranglijst, dat was ook een ontlading. Hoe ik me toen voelde was echt bijzonder.” James moet nu lachen: “De kwartfinale kon ik trouwens niet meer lopen en niet meer serveren, mijn schouder lag er helemaal af. Toen ik die dag mijn bed uitkwam voelde ik al ‘dit wordt ‘m niet!’ ”

HARDE WEG

De weg om ver te komen is niet alleen lang maar ook hard. Op de toernooien is de sfeer bijvoorbeeld niet altijd even aangenaam. “Vooral op de ITF tour is het heel erg haat en nijd” vindt James ook. “Er zitten spelers tussen die niets van je moeten hebben en die vals spelen op de baan. Eigenlijk is de sfeer dus vreselijk, maar dat wordt wel steeds beter naarmate je verder komt en ouder wordt. Dan vallen die types af. Dat heb ik ook op de Nederlandse toernooien ervaren. Gelukkig zitten er ook jongens tussen die je wél vragen om te trainen, die wat meer sociaal zijn en die wél genieten van wat ze aan het doen zijn. Want het is natuurlijk echt een voorrecht dat je überhaupt die toernooien mag spelen.”

KNLTB

Eén keer in de week traint James in het Nationaal Tennis Centrum. Hij hoort nog niet vast tot de groep, maar er is bijna altijd plek om mee te doen. De themadagen, die de KNLTB organiseert voor het ambitieuze topje, volgt James ook. “Ja die vind ik best wel leerzaam, het is een mooi initiatief!” zegt hij enthousiast. “Op een van die dagen kregen we bijvoorbeeld een presentatie over doping en matchfixing. Dat is belangrijke informatie voor als je later de tour opgaat. Als je er niet genoeg over weet kan het je je carrière kosten.”

MEDVEDEV

Als een van zijn grote voorbeelden noemt James Daniil Medvedev. Daar hoeft hij niet lang over na te denken. “Ik vind hem een hele gave speler. Niet zozeer vanwege zijn techniek, maar meer vanwege zijn persoonlijkheid. Die spreekt me heel erg aan. Ik vind hem echt een sportman. Hij heeft gewoon een hele goeie sfeer om zich heen.”

Meer info over James kun je vinden op zijn website http://www.jamespikkaart.nl en zijn socials.