Column Ronald van der Horst – Samenwerken 3.0

561

✍🏻 Ronald van der Horst

In april was er een trainersbijeenkomst georganiseerd door Raymond Knaap en Dennis Sporrel bij de KNLTB in het NTC om mee te denken over de toekomst van het tennis. Een prima initiatief van Raymond en Dennis omdat er zorgen zijn over de toekomst van het tennis. Deze gedeelde zorg bracht veel trainers uit heel Nederland naar Amstelveen. Van Limburg tot Groningen waren trainers aanwezig om mee te denken over vraagstukken als nieuwe opzet NRT toernooien, dalend spelniveau onder jeugd t/m 12 jaar bij de Nationale kampioenschappen, persoonsgebonden ondersteuning van spelers en het verdwijnen van de indoorhallen.

De discussie over het niveau bij t/m 12 jaar Nationale werd geïntroduceerd door Michiel Schapers. Er zijn grote verschillen in niveau. De top is heel klein en beperkt en steekt er met kop en schouders bovenuit. Het algemene beeld is dat er een technisch onvoldoende basis is gelegd en dat er eenzijdig wordt gespeeld. Er is weinig variatie in het spel en niet genoeg spelers beheersen een slice of een dropshot.  De zorg is dat er een te kleine groep in Nederland ontstaat die elkaar naar een hoger niveau stimuleert. De oproep was om meer te werken aan een technische basis.

Alle trainers ondersteunden deze gedachte. Ik denk dat we om het tennis voor de toekomst te behouden de trainers moeten laten samenwerken in de regio. Het ontstaan van Team Amjoy is daaruit ontstaan. Twee trainers met soortgelijke groepjes werken samen en voegen de groepen samen. De poel van kinderen is zo klein geworden dat we minder als concurrenten naast elkaar moeten staan en juist meer moeten samenwerken voor het behoud van het tennis.

Samenwerken uit nood is voor mij een samenwerken 2.0. Een samenwerking om de toekomst van het tennis te waarborgen is een samenwerking 3.0. Daar moeten alle partijen van doordrongen zijn. De KNLTB moet zo spoedig mogelijk gaan samenwerken met de ALO’s, het CIOS en de Sport & Bewegen opleidingen. Zij moeten afstappen van het idee dat die geld aan de KNLTB moeten afdragen. Juist voor de toekomst van het tennis zijn geschoolden in beweging van essentieel belang om de basis aan te leren. De afgestudeerden van deze opleidingen hebben een veel bredere opleiding genoten (4 jaar dagelijkse opleiding t.o.v. 240 uur bij de KNLTB). Zij zijn het gewend om grotere groepen les te geven en alle kinderen iets te leren. Bij de KNLTB opleiding wordt uitsluitend aan groepjes van 4 lesgegeven.

Ook met betrekking tot de indoorhallen moeten we naar een samenwerking 3.0. De KNLTB straalt tevredenheid uit over het hallenplan. Maar het is eigenlijk een doekje voor het bloeden. Het stagneert de teruggang van bestaande hallen. Voor mij zou een Hallenplan 3.0 zich moeten richten op nieuwe tennisindoor accommodaties. Dat kunnen ballonhallen zijn over bestaande banen. Of misschien extra banen aanleggen met een geschikte ondergrond waarbij het baanonderhoud makkelijker is dan bijvoorbeeld bij gravelbanen. Maar het kan misschien een Veldeman hal worden of misschien zelfs een nieuw te ontwikkelen halconstructie die geen druk nodig heeft om overeind te blijven staan.

Uit het Hallenplan 3.0 zou een samenwerking moeten ontstaan tussen verenigingen die hun indoor accommodatie zijn kwijtgeraakt. Kennis delen. Workshops gegeven door parken met ervaringen van verschillende hallen. Innovaties die zijn toegepast om het beter te kunnen runnen. Ik heb zelf ooit een inspirerende uitleg gehad bij Leeuwenbergh. Ervaringen van de groundsman bij verschillende ondergronden kunnen een hulp zijn om betere keuzes te maken. Ik heb zelf een heel leerzame dag gehad bij ALTA en Shot.

Het zou mooi zijn als de KNLTB een aparte afdeling “Tennisindoor accommodatie” zou oprichten. Hier moet kennis gecentraliseerd worden over mogelijkheden van subsidies en over samenwerking met gemeentes en provincies. Daarnaast zou het mogelijk moeten zijn om bijvoorbeeld met subsidie van de KNLTB met bloembollenbedrijven samen hallen te ontwikkelen die geschikt zijn voor de bollenteelt, maar in de winter ook voor tennis. Dan moet er een manier bedacht worden om ’s winters tapijt te leggen dat je zomers weer makkelijk kan verwijderen.

Zijn er verenigingen die samen willen optrekken naar nieuwe indoortennis-accommodaties mail mij dan gerust. (ronald@toptennis.nl). Samen staan we sterker en samen komen we zeker verder.

Als de samenwerking met de ALO’s, het CIOS en Sport & Bewegen op korte termijn tot stand komt dan kunnen we ook de tijd overbruggen tot de nieuwe hallen er zijn, met tennissen in gymzalen. Ouderwets beginnen met bal- en slagvaardigheidscursussen voor de jonge kinderen. In het verleden heeft dat ook geleid tot topspelers.

En laat inspirerende trainers zoals Mike Barrel en Ronald Pothuizen in het verleden weer Tenniskids geven. Gewoon Tenniskids 1.0. Want de basis moet breder worden en er moet gevarieerder worden opgeleid. Dan kan Michiel Schapers over een aantal jaar al vanaf de eerste ronde weer ouderwets genieten bij de Nationale t/m 12 jaar.

Als we het samen doen dan is er nog toekomst voor tennis. Samenwerken 3.0!