COLUMN RONALD VAN DER HORST – WELKE WEG TE BEWANDELEN?

656

✍️ Ronald van der Horst

Onwijs knap is de prestatie van Wesley Koolhof en coach Marco Kroes. Zij hadden samen besloten om te proberen om de top van de wereld te halen in het dubbelspel. En met het winnen van de ATP Finals hebben ze die top behaald. Als nummer 5 van de wereld eindigen geeft voor het volgend jaar nog ruimte om verder te stijgen en om Grand Slam titels en/of Olympische titels te behalen.

Hieruit blijkt weer dat als je je eigen route bewandelt met een trainer waar je vertrouwen in hebt, dat je tot ongekende hoogtes kunt stijgen. Het zou voor de toekomst een mooi voorbeeld zijn voor andere spelers. Als het niet mogelijk is om dat zelf te bewerkstelligen, dan is de KNLTB een goed alternatief. De KNLTB draait het nu een beetje om. Zij willen altijd zoveel mogelijk alles in eigen hand houden. In de toekomst denken zij erover om een internaat op te starten. Blijkbaar omdat zij vinden dat zij het beter kunnen. Maar het lijkt mij gezonder om jonge kinderen zoveel mogelijk dichtbij huis te laten trainen. Zodat ze kunnen opgroeien in een vertrouwde omgeving bij hun eigen ouders.

Om nieuwe wegen in te slaan zou het misschien goed zijn als de kar getrokken gaat worden door nieuwe directeuren. Geen directeuren die zich ook inzetten om padel binnen te halen. Bij de KNLTB staat de T voor tennis. Ik vind het wel een knappe lobby om padel gelijk met tennis te laten optrekken in deze corona pandemie. Waar atletiektraining in de buitenlucht steeds maar met 4 sporters tegelijk mag, terwijl er toch genoeg ruimte is op een atletiekbaan of in het bos, mag er bij padel met 4 spelers gespeeld worden in een kleine ruimte. Vaak zijn er twee padelbanen aangelegd, waar vroeger één tennisbaan was. De tennisbond zou verenigingen moeten stimuleren om de tennisbanen, die nu minder in gebruik zijn, om te bouwen tot officiële driekwartbanen. Dat is zowel voor de jonge kinderen plezierig als mogelijk ook voor oudere spelers. Als het bewegen steeds moeilijker wordt dan kan een iets kleiner veld uitkomst bieden. Juist met de vergrijzing zou dat een goede mogelijkheid zijn.

Jacco Eltingh en de KNLTB willen iets voor de arbeidsvoorwaarden van de tennisleraren doen, lees ik. Het is een van Jacco’s speerpunten. Maar als tennisbond moet je ook rekening houden met de verenigingen. Het lijkt mij beter om de trainers door te sturen naar de VNT. Tennistrainersbelang hoort niet bij de KNLTB, maar bij de Vereniging voor Nederlandse Tennisleraren (VNT). De VNT komt al decennialang op voor de belangen van de tennisleraren. Zowel met voorbeelden van arbeidscontracten als bij juridische geschillen. Het zou dan ook logisch zijn als de KNLTB iedere trainer zou doorverwijzen naar de VNT. Waar het in de maatschappij gebruikelijk is om een aparte werkgevers- en werknemersorganisatie als belangenbehartiger te hebben, vindt de KNLTB dat niet. Hoewel er gezamenlijke gesprekken waren, wil de KNLTB zijn eigen rol daarin houden. Misschien zouden aan het lidmaatschap van de VNT ook PO punten kunnen worden gekoppeld. Maar ook als dat niet gaat gebeuren, raad ik alle leraren aan om zich aan te sluiten bij de VNT als behartiger voor zijn of haar belangen.

Ik heb de afgelopen twee weken de verhoren van de Kinderopvangtoeslag affaire op de televisie gevolgd. Wat we kunnen leren van deze verhoren is dat de overdacht van roulerende ambtenaren (ze werden na ongeveer 5 jaar overgeplaatst), niet goed was of helemaal niet plaatsvond. Zo kon het dus gebeuren dat alle problemen niet in het zicht bleven. Ook bij de KNLTB is er de laatste jaren veel weggesaneerd. Alle bondstrainingen en de bondstrainers, de districten, heel veel personeel op het Bondsbureau om er maar een aantal te noemen. Ik pleit voor een stabielere organisatie met langdurige arbeidscontracten, waardoor de informatiestroom en de historie gegarandeerd blijft. De veel gebruikte mogelijkheid om na 3 jaar afscheid van personeel te nemen moet overboord.

Alles overziend wordt het tijd voor een nieuwe leiding op het Bondbureau. Met nieuwe structuren om dichter bij de basis te zijn. Nu worden er vragenlijsten verstuurd, maar de vragen zijn vooringenomen en ook de antwoorden zijn er niet altijd tussen te vinden. Ik zou wel wat mensen weten die uit de praktijk komen, die een eigen park runnen, die spelers opleiden en die ALO en sportmanagement hebben gestudeerd. En als coach het beste uit iedereen weten te halen. Het gaat erom dat je de kwaliteiten ziet van de mensen en openstaat voor andere meningen. Als coach ben je gewend om vooral te kijken waar een speler goed in is en ben je vooral ook gewend om te luisteren naar je speler. Dat zou ook goed zijn voor het Nederlandse tennis en voor het personeel dat nu vaak op zijn toppen moet werken en vaak de verschijnselen van overtraindheid heeft. Ik denk dat er veel meer kennis en energie uit heel Nederland te halen is, als je je oren open zet.

met sportieve groet
Ronald